Historische Kring Zuidhorn

Periodiek december 2020 – nummer 2

In dit artikel:

De HKZ in Coronatijd Piet Pellenbarg beschrijft hoe de Historische Kring Zuidhorn (HKZ) tijdens de coronapandemie activiteiten moest afgelasten. Tegelijk bleven projecten in Zuidhorn, Ezinge en het Westerkwartier, waaronder het Platform Oude Riet, doorgaan.

Middenstand bij de Kerk In dit artikel onderzoekt Alderik Visser de geschiedenis van zijn woning aan de Kerkstraat 8 in Zuidhorn en schetst hij tegelijk een levendig beeld van de middenstand rond de kerk. Aan de hand van kadastrale gegevens uit 1832 reconstrueert hij de bewonersgeschiedenis van het gebied. Op de plek woonden onder anderen kleermaker Arend Gerrits Reepsholtuit Niehove, Doetje Jacobs Pluiter uit Obergum en de boerenfamilie van Anje Jacobs Roelfsema. Ook de schoenmakerij en leerlooierij van Turien Iuriens Woldil en later de koosjere slager Salomon Sanders Israëls en Lea LevieuitSappemeer komen aan bod.
Bijzondere aandacht krijgt de wagenmakerij van Aries van de Vries, later voortgezet door Tonnis Reinders Mulder, afkomstig uit Ezinge, en vervolgens door diens zoon Jan Mulder. Daarna vestigde koperslager Hendrik PrietuitBedum zich aan de Kerkstraat. Hij was actief als ondernemer, muzikant, toneelschrijver en politicus in Zuidhorn. Later volgden de wagenmakers Jan en Jans Rozema uitScharmer, handelaar Rien Schoelier en fietsenmaker Mekke Tempel uit Bedum.
Visser concludeert dat de middenstand van Zuidhorn in de negentiende en vroege twintigste eeuw dynamisch was, met veel onderlinge samenwerking, voortdurende instroom van bewoners uit omliggende plaatsen en een opvallende aanwezigheid van doopsgezinde families.

Hoofdstraat 27 en een verdwenen poort In dit artikel onderzoekt Joop Cleij de geschiedenis van Hoofdstraat 27 in Zuidhorn en een inmiddels verdwenen poort tussen de panden 25 en 29. Het perceel was begin negentiende eeuw eigendom van burgemeester en notaris Frans Izaak Abresch, die ook actief was in Aduard, Groningen en het Westerkwartier. Later kwamen onder meer huisarts Roelf Boerma, drogist Sietze Sennema en aannemer Job Notenbomer in beeld. De mysterieuze poort, mogelijk verbonden aan een koetsstalling van Boerma, stond er ongeveer van 1908 tot 1932. Daarna kende het pand uiteenlopende functies, waaronder winkels van Louwe van Lune, Rintje Schoelier, Blokker en uiteindelijk een kledingzaak.

In de Overtuinen groeit geen gras meer In een kort stukje beschrijft Nico Attema de situatie aangevuld met een tekening van 1832 van het terrein van wat nu de Overtuinen is en welke vroeger uit louter gras bestond,

Een boek over Klaas Siekman Azn.(1878-1958) te Zuidhorn Dit artikel belicht het boek van Bertus Fennema over architect en waterbouwkundige Klaas Siekman Azn. uit Zuidhorn. Fennema beschrijft niet alleen Siekmans omvangrijke oeuvre in het Westerkwartier, maar ook zijn werk als opzichter, docent en maatschappelijk betrokken bestuurder. Daarnaast wordt aandacht besteed aan historische tuinen en overtuinen in Zuidhorn. Zo liet dokter Popta rond 1840 aan de Hoofdstraat een vijver en prieel aanleggen op de plek waar later villa Eiberhof van Pieter Bindervoet en Niesje Hoving verscheen. Ook Gerrit Vlaskamp, ontwerper van de beroemde Tuin van Hommes in Groningen, komt aan bod. Het artikel laat zien hoe de uitbreiding van Zuidhorn veel historisch groen heeft doen verdwijnen.

‘Peerdje rennen’ aan de Klinckemalaan In dit artikel beschrijft Joop Cleij de geschiedenis van de weilanden aan de Klinckemalaan in Zuidhorn, tegenover de Klinckemaburen. Het terrein was eigendom van de families Posthumus en Scheeringa en werd tussen 1927 en 1965 gebruikt voor paardenrennen. Later vonden er autocrosswedstrijden plaats in samenwerking met de Eerste Drentse Autocross Club uit Yde-De Punt. Met een metaaldetector vond Kees Beeftink er munten, pijpenkoppen, musketkogels en onderdelen van paardentuigen. Ook herinneringen van Arnold Wegman, zijn vader Jan Wegman en Tjeert Posthumus brengen de verdwenen paardenrennen, autocrossen en kermissen van Zuidhorn weer tot leven.

De haan van Valk In dit artikel beschrijft Kees Kugel de geschiedenis van de karakteristieke haan bij basisschool De Molshoop in Noordhorn. Het beeld werd in 1956 geplaatst bij de nieuwe school, ontworpen door gemeentearchitect J. Boersma, en is gemaakt door beeldhouwer Willem Valk (1898-1977). Valk, afkomstig uit Zoeterwoude en jarenlang docent aan Academie Minerva in Groningen, verwierf bekendheid met tal van kunstwerken en oorlogsmonumenten in Groningen, Marum en Trimunt. Het artikel belicht daarnaast Valks betrokkenheid bij het kunstenaarsverzet tijdens de oorlog en wijst op zijn ontwerp voor de lessenaar in de Dorpskerk van Zuidhorn, uitgevoerd door J. Rozema uit Zuidhorn.

Bruggenmonument aan de Gast In dit artikel beschrijven Nico Attema en Piet Pellenbarg de totstandkoming van het bruggenmonument aan de Gast in Zuidhorn, opgebouwd uit delen van de voormalige spoor- en verkeersbrug over het Van Starkenborghkanaal. Het monument, ontworpen door Taeke Boersma, werd uiteindelijk na een lang proces geplaatst met hulp van onder anderen Jan Hollander(bedenker)Piet Pellenbarg en Jan Oomkes. Op het informatiebord bij het monument staat een gedicht van Willem Tjebbe Oostenbrink.  Schrijfster Aafke Steenhuis deelt in haar boek ‘Verhalen van het Groningerland’ herinneringen op aan deze plaats waar zij als kind speelde. Daarnaast wordt het monument in een bredere traditie van bruggedenkplaatsen geplaatst, met voorbeelden uit Briltil, Moerdijk, Barendrecht, Zaltbommel en Tulln aan de Donau.