Historische Kring Zuidhorn

Periodiek juni 2021 – nummer 1

In dit nummer:

Historisch besef
De voorzitter Piet Pellenbarg beschrijft de impact van de COVID-19-pandemie en vergelijkt deze met eerdere grieppandemieën. Door de aanhoudende besmettingen werden diverse activiteiten uitgesteld. Lezingen van Joel Stoppels en Ineke Noordhoff zijn nu opnieuw ingepland in het CCZ in Zuidhorn.

Twee geloven op een kussen
In het artikel Twee geloven op een kussen… beschrijft Alderik Visser de religieuze diversiteit in Zuidhorn tussen 1850 en 1860. Op basis van bevolkingsregisters blijkt dat naast de Nederlands-Hervormde meerderheid ook doopsgezinden, christelijk afgescheidenen, rooms-katholieken en joden in het dorp woonden. Veel gemengde huwelijken kwamen voor, vooral tussen hervormden en doopsgezinden, waarbij geloofsverschillen vaak minder belangrijk waren dan familie- en boerenbelangen. Belangrijke personen zijn onder anderen Jan Swartwolt, Johannes Ernestus Winter, Jan Roelf Geut, Bouke Jurjens Woldijk, Gerrit van Raidt en Lutje Wolters Snippe. Ook katholieke families zoals Boelens en Kramer en joodse inwoners zoals Nathan Bierschenk, Salomon Israels en Benjamin van Geuns worden genoemd.
Ondanks geloofsverschillen overheersten in Zuidhorn verdraagzaamheid, nabuurschap en saamhorigheid

Doopsgezinde vermaningen in en om Noordhorn
Het artikel van Kees Kugel beschrijft de geschiedenis van de doopsgezinden in en rond Noordhorn en Humsterland. De beweging ontstond in de zestiende eeuw vanuit de ideeën van Huldrych Zwingli en kreeg in Nederland vorm door Menno Simons uit Witmarsum. De prediker Leenaert Bouwens verspreidde het geloof in plaatsen als Ezinge, Grijpskerk, Niehove en Noordhorn. Eerst kwamen doopsgezinden samen in Gaaikemaweer, later in een vermaning bij Ter Horn aan de huidige Jensemaweg. In 1838 verhuisde de gemeente naar een nieuwe vermaning aan de Langestraat in Noordhorn. Ook Eije Clasen, vermaner en schrijver, speelde een belangrijke rol

De laatste snik
Het door Joop Cleij geschreven artikel beschrijft de geschiedenis van de snik, een Gronings beurtschip dat tussen Zuidhorn en Groningen werd ingezet voor vervoer van mensen en goederen. Schipper Job Datema blies bij terugkeer een hoorn om zijn aankomst aan te kondigen. Het Hoendiep, aangelegd op initiatief van Caspar de Robles, en de Zuidhorner schipsloot vormden belangrijke vaarwegen. Andere bekende schippers waren Boonstra, Van Oosten en Klaas Bok uit Noordhorn. Rond 1930 werd de snik van Datema opgelegd: de laatste snik.

Herinneringen aan Oosterburg een overzicht met 2 foto’s op de plek van de Oosterburg

Over Oosterburg Vette Koe en Klinckema
Het artikel van Nico Attema beschrijft de geschiedenis van de boerderijen Oosterburg en De Vette Koe bij Klinckema in Zuidhorn. De Oosterburg werd rond 1792 gebouwd door Wiardus Siccama en later verbouwd door Johan Hora Buma, die er na 1849 ging wonen. Na een brand op 4 oktober 1898 verdween de hofstede; alleen de straatnaam Oosterburcht herinnert eraan. De Vette Koe kende een langere geschiedenis. Oorspronkelijk behoorde de boerderij tot het klooster van Aduard en kwam later eveneens in bezit van Johan Hora Buma. De boerderij staat nog als ruïne overeind en wacht mogelijk op herstel.

Wie voor een dubbeltje geboren wordt….
Antje Gerkes Lijfering uit Zuidhorn, dochter van dagloner Gerke Alberts uit Noordhorn, wist zich op te werken van dienstmeid tot welgestelde dame. Door haar huwelijken met artsen Pieter Nanninga en Gerrit Posthumus verwierf zij bezit, waaronder een huis aan de Nieuwstraat het zgn “Huis met de Leeuwen” in Zuidhorn. Via Bieuwina Posthumus, Jogchum Offeringa en Hemke Scheeringa werd het vermogen verder doorgegeven.

Wanneer Marinus Viets 65 was geworden
Het artikel van Nico Attema schetst het leven van architect en bouwkundige Marinus Viets (1853-1905), afkomstig uit Wageningen en werkzaam voor het Waterschap Westerkwartier. Na zijn komst naar Zuidhorn trouwde hij met Frederika Poll van boerderij De Westerhorn bij Grijpskerk. Rond 1890 liet hij zijn eigen statige woonhuis bouwen aan de Gast 4 in Zuidhorn. Viets ontwierp talrijke panden, waaronder huizen aan de Langestraat in Noordhorn, gemeentehuizen in Grijpskerk, Aduard en Oldehove, het sluiswachtershuisje in Kommerzijl en diverse zuivelfabrieken, waaronder die van Briltil en De Groeve. Na zijn vroege overlijden zette Klaas Siekman zijn werk voort.